< Terug naar overzicht

Visitors, The Drink, Twerps en Dan Mangan

The Drink - Company (Melodic Records / De Konkurrent)

Het Londense gitaarpoptrio The Drink mag een ontdekking genoemd worden. De nogal complexe liedjes vol onverwachte wendingen en veel tempowisselingen lijken beïnvloed door Throwing Muses, Deerhoof en Pixies. Ook houdt zangeres en gitariste Dearbhla Minogue erg van de herhalende zangmelodieën in Amerikaanse en Ierse folk. Gelukkig ontstijgen ze die invloeden met gemak en zetten een heel eigen geluid neer. Avantpop kan soms enig doorzettingsvermogen van de luisteraar vragen, maar The Drink had (bij mij althans) slechts één luisterbeurt nodig om de vonk te doen overslaan. The Drink is catchy, vrolijk en rockt als een trein.

Nadat de band Fighting Kites van bassist Dave Stewart en drummer Daniel Fordham uit elkaar viel, trok Monigue het duo aan om een trio mee te beginnen. Minogue’s kraakheldere zangpartijen doen soms wat denken aan die van de zangeres van Broadcast. Haar stem wordt regelmatig tot koortje gedubd, maar gelukkig met mate. Na het uitbrengen van enkele EP’s is daar nu een volwaardig album, en wat voor één! Alle twaalf goed. Er is maar één minpuntje: de liedjes lijken een beetje op elkaar. Alleen Playground springt er met een Afropop-gitaarpartij echt uit. Een doorbraak naar een groter publiek met plaat nummer twee zou me niets verbazen. Op hun Bandcamp site kun je het nummer Microsleep beluisteren en in Soundcloud is Wicklow te horen.

Visitors - Hello World (eigen beheer)

De echte nerd ziet aan de titel al een aanwijzing: Visitors maakt elektronische pop met een voorliefde voor geluidjes ‘uit de oude doos’. Hello World, het simpelste computerprogrammaatje dat er bestaat, dateert uit 1974. Visitors begon als band, met songschrijver Bertin van Vliet aan het roer. Met een oude Korg synthesizer en een laptop voor de beats en retrobliepjes zet hij fijne liedjes in elkaar. Zijn favoriete instrument is de Casiotone MT40, een analoog keyboard uit de jaren 80. De invloed van Kraftwerk is evident, maar ook Oleg Kostrow en Felix Kubin zijn niet ver weg. Dat stoort allerminst want de liedjes zitten erg goed in elkaar en hebben een heel eigen sfeer en humor. Ze blijven ook lang in je hoofd hangen vanwege simpele maar doeltreffende melodietjes.

Visitors is een eerbetoon aan de science fiction van de 20e eeuw. Het is een project, bestaande uit futuristische muziek, performances, video’s en workshops. Alle zangpartijen worden door een vocoder gehaald, waardoor de teksten uit de machines zelf lijken te komen. Dan krijg je vanzelf teksten als “Refresh my battery, refresh my memory” of “Are you sure? Are you sure?“. De liedjes zijn geschreven vanuit buitenaards perspectief. De Nijmegenaar knutselde er robotpakken van karton en zilverpapier voor in elkaar, waarmee de band enkele keren optrad, samen met dansende aliens. De videoclips doen een beetje denken aan Michael Gondry’s film Be Kind, Rewind. Logistiek bleken de concerten met band en aankleding wat lastig (zeker als je geen auto hebt), dus bestaat Visitors tegenwoordig nog alleen uit Bertin. De liedjes zijn sterk genoeg om solo prima over te komen, zo bleek op het Ver Uit de Maat-festival in Worm op 21 december (waar hij jammer genoeg geen robotpak droeg). Gelukkig is de grappige doe-het-zelf science fiction op YouTube nog wel terug te zien. Bekijk Rocket Science en Interior. In No Flash Photography (van de cd 2012) speelt Frans de Waard een sacherijnige alien.

In 2012 kwam er een cd met tien liedjes uit, getiteld 2012. Hello World is helaas alleen op cassette te koop, wat wel past bij zijn voorliefde voor oude apparaten, maar handig is het niet. Muziek verkopen doe je op internet, dus is er op zijn YouTube-kanaal ook een selectie te horen. Ook leuk is The Fathers Of Invention (2014) , een serie odes aan uitvinders. Electropop-tracks tussen soundscape en pop in, opgedragen aan de uitvinders van o.a. klitteband, het A4 papier, de rits, de balpen en de koffiefilter. Maar één luistertip mag hier zeker niet ontbreken, het eerste dat ik ooit van hem hoorde en dagen lang niet meer uit mijn hoofd kreeg: Videorecorder. (luisteren op eigen risico)

Twerps - Range Anxiety (Merge Records / De Konkurrent)

De Australische band Twerps heeft met Range Anxiety een prachtplaat afgeleverd. Ze maken vrolijke indiepop die zwaar leunt op gitaren en samenzang. De sound doet regelmatig denken aan The Feelies, The Go-Betweens en Yo La Tengo. Na een serie succesvolle singles en een titelloze debuutplaat in 2011 is dit hun eerste plaat op Merge Records. Drie mannen, een vrouw en niet alleen gitaren, maar ook fijne keyboards.

Twerp betekent ‘belachelijk en onbeduidend persoon’. Geen valse bescheidenheid, mensen, dit is gewoon een erg goeie popband. Bij de eerste luisterbeurt viel het me aanvankelijk niet op dat ze zo goed zijn; het klinkt namelijk erg vertrouwd allemaal. Er zijn nogal wat indiepopgroepjes die in dit genre bezig zijn, maar hoe vaker ik de liedjes hoorde, hoe beter ze werden. Ze zijn prettig afwisselend: opzwepend uptempo, dan weer ingetogen. Beluister Shoulders en het uitermate Feelies-achtige Back To You in de Soundcloud. Ook I Don’t Mind zou je zeker even moeten aanklikken. De plaat komt eind januari uit.

Dan Mangan & Blacksmith - Club Meds (City Slang - De Konkurrent)

De Canadese singer-songwriter Dan Mangan was in 2009 ‘artiest van het jaar’. In 2012 volgden meer prijzen, waaronder album van het jaar. Zijn album Nice, nice, very nice was dan ook… inderdaad, very nice. Daniel Mangan kan zich met gemak meten met bekendere namen uit het orkestrale folkrockgenre en heeft al op alle grote folkfestivals gestaan. Na zijn begin als solo artiest vormde hij een band en werkte ook samen met mensen uit de meer experimentele scene, waarmee zijn stijl zich ook wat losmaakte van het traditionele beeld van folky-met-gitaar. Fans van Bon Iver en Owen Pallett zullen hem wellicht al kennen. Hij is een begaafd componist, de goede smaak druipt er werkelijk vanaf. Ook zijn nieuwe plaat Club Meds maakt vanaf de eerste paar maten weer indruk.

Toch is er een probleem: zijn manier van zingen. Alsof hij het leed van de ganse wereld op zijn schouders moet dragen. Een man met Grote Gevoelens. Een nummer of twee gaat het nog wel, maar de overserieuze sfeer van zijn zangpartijen maakten me hoe langer hoe kriegeliger. Mag het iets luchtiger, met iets van relativering en iets meer variatie in sfeer misschien? Ookal is het een heel ander genre, het deed me een beetje denken aan de manier waarop Brendan Perry zijn bijdragen aan Dead Can Dance steevast vakkundig om zeep hielp. Jammer, het maakt de plaat aan het einde van de rit voor mij onluisterbaar. Laten we er maar van uit gaan dat het aan mij ligt. Millions can’t be wrong luidt immers het gezegde. De plaat komt half januari uit. De single Vessel is al uit. Hij was te horen in de film Hector and the Search for Happiness. Ook de single Mouthpiece is al uit.