< Terug naar overzicht

Muziekrecensies op internet

Muziekbladen zijn handig vanwege de recensies, ook al bespreken ze door de beperkte ruimte maar een klein deel van wat er allemaal te koop is. Leve internet: daar geen last van ruimtebeperkingen. Elke dag verschijnen er dan ook massa’s recensies op toonaangevende sites (zie onder). Maar ook bloggers (waaronder ik zelf) doen gezellig mee met het delen van nieuwe muzikale ontdekkingen. Leve de internetdemocratie: je hoeft niet bij een magazine op de loonlijst te staan om een grote groep lezers te kunnen bereiken. Op de hoogte blijven van wat er uitkomt is makkelijker geworden. Onafhankelijk van aanbod in de platenzaak en op de radio brengen Google, iTunes en MySpace je waar je wezen wilt. Snel, vaak gratis en lekker vanuit je bureaustoel. Tot zover niets dan lof.

Maar… dat zag u al aankomen: elk voordeel heeft zijn nadeel. Waar kopij voor tijdschriften kritisch geredigeerd wordt, lijkt dit op blogs vaak niet te gebeuren. Als muziekredacteur van Zone 5300, dat naast vooral strips vier pagina’s muziekrecensies per kwartaal heeft, kan ik er op rekenen dat kopij kritisch gelezen wordt. De hoofdredactie hamert er bij alle redacteurs op dat stukjes bondig, helder geformuleerd en informatief moeten zijn. Check uw feiten en spelling, dames en heren, anders krijgt u slaag! De kritiek is soms niet mals en gelukkig maar: dat komt de kwaliteit beslist ten goede. Je schrijft immers in de eerste plaats voor de lezer, niet voor jezelf.

Dit laatste geldt natuurlijk ook voor recensies op internet, maar de blogger heeft soms geen zin om zichzelf te redigeren. Of is gewoon geen taalwonder. Of moet een trein halen. Met een simpele tik op de enter-toets verschijnen er zodoende soms lange, maar weinig informatieve stukjes op het scherm. Maar het kan erger: de webrecensie gunt ons soms ook een kijkje in het benijdenswaardige leven van de recensent. Want wat is het toch fijn dat de PR-afdelingen van labels en distributeurs gratis promo’s rondsturen! Dat zal ik ook nooit ontkennen. Maar dit ook nog opschrijven is ijdeltuiterij en wannabe-gedrag. Wat heeft de lezer daaraan? Sommige recensies lijken meer over de schrijver te gaan dan over de plaat in kwestie. Het vaak gebruikte woordje ‘ik’ in deze stukjes is veelzeggend. Ik recenseer dus ik besta.

Deze week kwam ik het volgende voorbeeld tegen: “Klepperdeklep! Hey, de post! In een soort van Pavlov-reactie veer ik op en stuif ik naar de brievenbus. Eens kijken of er weer zo’n bubbeltjesenveloppe tussen het stapeltje zit dat er zojuist doorheen geschoven werd. Een bubbeltjesenveloppe betekent namelijk meestal verse muziek!” En zo ging dat nog even door. Over de besproken plaat kwam ik niet veel te weten. Er werden een paar bandnamen gedropt, naast termen als ‘lekker, spannend, maar gaandeweg toch een beetje vervelend’. Daar moest ik het mee doen. Namedropping is prima, maar we willen meer! En vooral beter.

Het zou goed zijn als iedere muziekblogger zich bij elk stukje af zou vragen: wat zou ik er zelf van vinden als ik het op een blog tegen kwam? Nu ben ik zelf op schrijfgebied ook maar een ambitieuze amateur en zal de eerste zijn om mijn eigen beperkingen toe te geven. Toch diskwalificeert dit mij niet om medebloggers een spiegel voor te houden. Een beetje (zelf)kritiek, daar worden we namelijk alleen maar beter van.

Tot slot: mijn favoriete sites met muziekrecensies.

www.gonzocircus.com

www.thewire.co.uk

www.pitchforkmedia.com/
http://extra.volkskrant.nl/select/muziek