< Terug naar overzicht

Rebekka Kraijord + Duo de Twang + Kevin Drew

Rebekka Karijord - Music For Film and Theatre (Control Freak Kitten Records / Konkurrent)

Van de zangeres-componiste Rebekka Karijord had ik nog niet eerder gehoord. Ze heeft een krachtige heldere stem en begeleidt zichzelf met piano en soms wat electronica en synths. De Noorse woont en werkt tegenwoordig in Stockholm. Haar soms buitenissige make-up lijkt nogal geïnspireerd door Björk, maar goddank gaat ze muzikaal totaal haar eigen gang. De alternatieve popliedjes klinken intiem, vol emotie en zeer melancholiek. De piano heeft meestal de hoofdrol. Een van de pittiger tracks (niet op deze cd) is Use My Body While it’s Still Young waarvan een mooie video staat op Vimeo. In de meeste nummers is er veel ruimte voor stilte omdat een dwingend ritme ontbreekt. Sommige tracks vallen daarmee duidelijk in de categorie ambient, dus is het niet verbazend dat haar muziek heel geschikt bleek om te combineren met andere kunstvormen. Zo belandde haar muziek al in 30 films.

Een greep uit de composities die ze de laatste zes jaar maakte voor diverse films, dansvoorstellingen en theaterproducties is nu verzameld op één cd. Vijftien zeer sfeervolle stukjes komen voorbij, soms in neo-klassieke stijl, soms meer in de folkpop-hoek. Zang wordt hier vooral als extra instrument ingezet in plaats van overbrenger van tekst. Een sober stukje piano of een tokkelende gitaar met veel galm is vaak al genoeg. Prologue begint met trage minimalistische vioolpartij die de sfeer van een Arvo Pärt-plaat oproept. Lullaby heeft een fijne jazzy trompet en dwarsfluit. Het instrumentarium is heel divers met een kinderkoor, fluiten, gitaar, blazers, mandoline en bas. Ze werkte namelijk samen met een lange lijst muzikanten. De bekendste daaronder: Julia Kent op cello en zangeres Ane Brun. Vrolijk klinkt het allemaal niet, wel betoverend mooi. Beluister drie tracks in één stream in de Soundcloud. Maar het allermooiste nummer is toch wel Morula. Knap dat je zoveel kunt doen met slechts een eenvoudige synthesizermelodie en abstracte zang.

Les Claypool’s Duo De Twang - Four Foot Shack (Ato Records / Bertus)

Zanger-bassist Les Claypool is al meer dan twintig jaar frontman van Primus. Zijn percussieve stijl van basgitaar spelen bepaalt voor een groot deel het geluid van deze funky rockband, evenals zijn grappige muppet-achtige stemgeluid. Naast Primus heeft hij nu een nieuw project: Duo de Twang. Ook daar bepalen zijn slapping bass en stem een groot deel van de sfeer. Maar dit duo met Bryan Kehoe put wel uit een ander muzikaal vaatje: bluegrass, Americana en country & western. Op Four Foot Shack gaat hij bovendien back to basics: de (slide)gitaar, bas en zang zijn vrij onopgesmukt opgenomen. Simpele boem-klap-drums zorgen voor wat extra body. Dat pakt goed uit; de vijftien liedjes zijn grappig, energiek en opgewekt. Het hoempa-gehalte ligt soms wat hoog, maar vermakelijk is het zeker. Het plezier straalt er vanaf. De Bee Gees-cover Stayin’ Alive is leuk gedaan, met mandolinesolo. Het beste nummer, Red State Girl, verraadt politiek engagement: “She got dirt up under her fingernails / She got lint down between her toes / She got paint above her eyeballs and Powder on and up in her nose / She got tits made out of recycled bottles / Her hair flipped up in a twirl / She wants to grow up to be Sarah Palin / She’s a self-proclaimed bonafide red state girl.“ Beluister Jerry Was A Race Car Driver in de Soundcloud. En ook Man In The Box.


Kevin Drew - Darlings (City Slang / Arts & Crafts - De Konkurrent)

Kevin Drew is vooral bekend als voorman van de Canadese band Broken Social Scene. Ondanks de massale lof voor dit popgroepje vond ik er niet zoveel aan. Zijn eerste soloplaat Spirit If... in 2007 was daarom een aangename verrassing: wat een catchy gitaarsongs! Dagenlang m’n hoofd niet uit te krijgen. Zeven jaar later is daar dan eindelijk de opvolger. Terwijl Spirit If... wat ongepolijst en gedreven klonk lijkt hij in een andere fase te zijn beland. Darlings blinkt weer uit in smaakvolle liedjes, slim in elkaar gezet en keurig geproduceerd. Synths en drums uit een doosje spelen een veel grotere rol dan voorheen. Maar na afloop kon ik me er nauwelijks meer iets van herinneren. Nog maar een keer dan. Was het misschien een groeiplaat die je toch echt even de tijd moest geven?

Meerdere keren luisteren hielp niet veel. Kevin Drew klinkt hier nogal braaf. Maar soms ook alsof hij in zijn eentje U2 wil zijn, inclusief topzware productie met veel galm. Speelsheid heeft ook plaats gemaakt voor ernst. Pas bij de zevende track Bullsh-t Ballad komt er even wat pit in, met een energiek Sebadoh-achtig ritme. You Got Caught is wel een memorabel liedje. Maar als geheel klinkt Darlings teveel als talloze andere smaakvolle indiebandjes. Als die vorige plaat niet zo verdomd goed was geweest was deze recensie vast minder streng uitgevallen, maar het is niet anders. Hoe hoger je vliegt, hoe dieper je ook weer kunt vallen. Drew legt uit waar het album over gaat: “It’s about the rise and fall of love and sex, in my own life and in today’s society.“ Oh, hij had een dipje? Beluister Good Sex in de Soundcloud. Meer is er nog niet beschikbaar want Darlings zal pas half maart uitkomen. Het schrijven van dit stukje was wel aanleiding om Spirit If... weer eens op te zetten. Wat was dat toch een goeie gitaarplaat; beluister TBTF eens op YouTube.